Waarom kerken leeglopen en voetbalstadions volzitten

Ja, de maandagochtend leent zich uitermate goed voor de grote vragen van kerk en theologie.

Vandaag weer wat bespiegelingen over Kerk en Voetbal.

Een vergelijking die al jarenlang is uitgekauwd, uitgebouwd en uitgewerkt, dus ik type geen inleiding bij dit blogje.

Wat kan Kerk wel en niet van Voetbal leren?

 

De Klassieker

Net als vorig seizoen bezocht ik Feyenoord – Ajax als gelegenheidssupporter. #feyaja
Het verslag van vorig jaar kun je hier lezen.

En de volle Kuip getuigde ervan: de meeste kerken kunnen stinkend jaloers zijn op Koning Voetbal. Net als in vele kerken zaten er genoeg ‘ouderen’ cynisch te mopperen. Maar in tegenstelling tot vele kerken weet de Kuip de jeugd goed vast te houden, en wel als meest betrokken doelgroep.

Dit zijn sommige van de geheimen die daaraan ten grondslag liggen.

1. Vernieuwen; doe maar niet

Waar in de kerkelijke wereld keihard gehamerd wordt op vernieuwing (leuke muziek, hippe beamers, coole taal) houdt de voetballerij alles bij het oude.
Als jaren ’80 baby’s konden mijn metgezel en ik de Charlie Lownoise muziek goed waarderen, maar echt eigentijds kun je het natuurlijk niet noemen.
Om nog maar te zwijgen van het oude stadion (waar een groot deel van de fans, ondanks nieuwe bouwplannen, voor geen goud weg wil!).

Hoogtepunt is dan het optreden van Lee Towers. Van de grote afstand konden wij niet zien of de man zijn gouden microfoon bij zich had. Hij zong zijn twee nummers: niets is sterker dan dat ene woord: Feyenoord en uiteraard you’ll never walk alone. De man is al decennia lang een karikatuur van zichzelf, en dat leek de beheerder van de grasmat te willen onderstrepen toen hij een watersproeier recht op het hoofd van Lee liet spuiten.

De liederen, de taal, de omgeving: alles gaat al tientallen jaren op precies dezelfde manier. Vernieuwen? Verhippen? Liever niet, nergens voor nodig, recht zo die gaat.

2.  Identiteit: simpel, snel en duidelijk

Wie niet springt, die is een Jood. Nu heeft het mij altijd interessant geleken om van Joodse afkomst te zijn, dus ik bleef tevreden zitten en waande mij voor even een zoon Abrahams.

Komen wij uit Rotterdam? Wij komen uit Rotterdam!” Dat de treinen naar Dordrecht, Hoek van Holland en Den Haag – Amsterdam (het zal toch niet?) na de wedstrijd stampvol zitten, maakt niet uit. Vanmiddag zijn we allemaal even Rotterdammers.

Identiteitsvorming is heel simpel in de Kuip. Er is een grote massa die één kant oploopt met een klein, overzichtelijk repertoire van oude maar o zo pakkende liedjes en leuzen. Wie het gevoel wil hebben dat-ie erbij hoort hoeft alleen maar mee te lopen. Feyenoord-kleding optioneel. Meezingen- en springen optioneel (maakt bovendien niet uit in welk ritme of in welke toonsoort). Contacten leggen en het gevoel hebben bij een groter geheel te horen (belonging) is kinderlijk eenvoudig in de Kuip.

Eén van de factoren die hieraan bijdragen is de vijand. Er is een duidelijke afgrenzing wij-zij. Alles wat niet-Feyenoord is, is Ajax. Die gezamenlijke vijand brengt de Feyenoorders dichter bij elkaar. Het is een sociologisch gegeven dat ook in de Bijbel wel heeft meegespeeld. De scheiding Abraham-Kanaän, de scheiding Israël-heidenen, later de scheiding Kerk-Wereld.

Natuurlijk hoop ik dat de hedendaagse kerk hier geen voorbeeld aan neemt. Want het uitsluitingsmechanisme en de massale haat zijn zacht gezegd onsympathiek. De antisemitische leus in het begin van deze paragraaf was nog maar één van de vele sissende jodengasliedjes die sommigen om mij heen uitbraakten.

Waar de kerk wel van kan leren, is de snelheid en het gemak waarmee je erbij kunt horen in de Kuip. De kerk heeft ook zo haar eigen taal en cultuur, maar die pikt een buitenstaander in de meeste gevallen niet binnen één middag op en dat zorgt voor drempels.

3. Theater en voorspelbaarheid

Nummer drie lijkt een paradox.
In de Kuip weet iedereen waar hij/zij aan toe is.
Vooraf liedjes zingen, juichen als thuisspelers opkomen, fluiten als uitspelers opkomen.
45 minuten voetbal kijken, kwartiertje bier en friet halen, weer 45 minuten voetbal.
Blij zingend of chagrijnig kijkend terugreizen.
Heilzame voorspelbaarheid: door de herhaling van dit patroon weet de ‘gelovige’ wat er te verwachten valt en dat verhoogt de participatiegraad.

Tegelijkertijd is er ook grote spanning, veel theater.
De bal is rond en kan alle kanten op – elke wedstrijd is weer anders.
Opwinding is gegarandeerd, zelfs in een saaie wedstrijd als die van gisteren.

Zo’n combinatie van voorspelbaarheid en theater is niet ondenkbaar in de kerk. Maar het vergt een gezonde dosis liturgisch chochma om dit te realiseren. In de liturgie zit zowel spanning (het breken van brood, het rouwen om de gestorvene, het juichen om de opgestane, etc.) als herhaling. Een kerk die dit oppikt kan zo catchy zijn als een voetbalwedstrijd.

4. Interactie

Jagen, jagen, jagen! Hé, scheids! Kaart! Geel! Hands! Links! Op Pelle!

Een supporter kan het gevoel hebben voortdurend betrokken te zijn bij het spel. En invloed uit te oefenen (zij het als dertiende man).
De voetbalfans kunnen eten en drinken tijdens de wedstrijd. Gedurende de wedstrijd kunnen ze even van de tribune af om iets te halen of een praatje met iemand te maken.
Zitten, staan, lopen, praten, schreeuwen: het staat iedereen vrij.

Het staat in schril contrast met de 25 minuten durende preek waar je stil naar luistert en waar de hoogste graad van interactie vaak is: een notitie in je bijschrijfbijbeltje.

Kan de kerk hier van voetbalwedstrijden leren? Waarschijnlijk wel, maar ‘knappe jongen’ die dit weet te realiseren zonder dezelfde vrijblijvendheid en chaos als in de Kuip.

Conclusie

Moet de kerk een soort Kuip worden? Liever niet, zoals ik hierboven wel heb laten doorschemeren. De voetballerij heeft veel eigenschappen die onwenselijk zijn in een kerk (en soms zelfs überhaupt in de maatschappij).

Tegelijkertijd zijn er wat simpele, basale elementen die de Kuip psychologisch en sociologisch voordelen bieden ten opzichte van vele kerken. Het zou dwaas zijn om daar geen lering uit te trekken.

 

Advertenties

Een gedachte over “Waarom kerken leeglopen en voetbalstadions volzitten

  1. Paul van 't Hoff

    Heb nog een 5e leerpunt: supporters zijn hondstrouw. Ook al gaat het niet goed met hun club, ze blijven komen, de verwachtingen blijven hooggespannen. Komt dat door de medesupporters met hun doen en laten? Nee, dat zit in het hart …

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s